Lang zullen ze leven, onze spullen

19 maart 2021
Geen opmerkingen
6153 views

Levensduur verlengen

Tijd kopen in de economische waardencirkel. Dat is wat je doet als je de levensduur van je goederen succesvol en kwalitatief weet te verlengen: je doet langer met minder grondstoffen én met minder geld. Is dat zo eenvoudig als het klinkt?

Wat hebben het geërfde zakmes van je pa en dat paar lederen laarzen waar je ooit al je spaargeld voor neertelde met elkaar gemeen? Je behandelt ze als je lievelingsknuffel van toen je 4 was! Soms hardhandig, dan weer liefkozend. Soms negeer je ze, dan weer krijgen ze alle aandacht. Je kijkt of ze helemaal in orde zijn, of er een lijn of kras is bijgekomen in het verhaal dat ze vertellen. Je houdt van die spullen. En zo gaan ze jaar na jaar mee met jou.

Net dat is de basis van het economische model ‘levensduur verlengen’. Het is geen doel op zich, het is wat je doet door keer op keer de functionele levenscyclus van een product te verlengen door goed onderhoud en herstel, door het in een volgende fase een tweede leven te gunnen bij een ander of het (gedeeltelijk) te gebruiken voor een ander doeleinde.

De herstelreflex

Photocredit: Martin Waalboer/Repair Café International.

Wat pakweg 100 jaar geleden de norm was, heeft een aantal jaren geleden een mooie comeback gemaakt met de Repair Cafés. Ze herstellen de reflex om iets te repareren wanneer het stuk is. En dat is een goede zaak. Het idee komt oorspronkelijk uit Nederland waar Martine Postma zich in 2007 wilde inzetten voor duurzaamheid op lokaal niveau. In Vlaanderen trok Netwerk Bewust Verbruiken al snel mee aan de kar. Overal in het land popten succesvolle herstelcafeetjes uit de grond, iedereen organiseerde mee.

Het succesrecept heeft meer dan 1 ingrediënt: er is gereedschap dat je thuis misschien niet hebt, er zijn vrijwilligers met kennis van zaken, het is er vooral gezellig met koffie, koekjes en andere mensen. En de spullen varen er wel bij. Mensen geraken weer vertrouwd met de binnenkant van de zaak, met schroefjes en draadjes. Zo smeedt je letterlijk een band tussen jou en de dingen.

Het gaat tenslotte niet enkel om het herstel an sich, wel om de aandacht die je geeft aan je spullen. Hoe meer moeite je erin steekt, hoe meer je wellicht geneigd bent om er goed zorg voor te dragen. En dat is cruciaal voor de levensduur.

Het ontwerp

Maar laat ons eerlijk zijn. Vaak worden spullen niet hersteld maar gewoon vervangen. De kost van de herstelling speelt daarin een grote rol: stel dat je toestel is geproduceerd in een lageloonland, en de herstelling ervan gebeurt door een locale technieker. Je voelt meteen waar het schoentje wringt. De overheid zou daarin een rol kunnen spelen door voor herstellingen een lager btw-tarief te hanteren. Het is nog even wachten op dat soort betekenisvolle aanpassingen.

De kost is niet de enige uitdaging. Het is natuurlijk niet de bedoeling dat je in lompen rondloopt om toch maar geen nieuwe kleren te hoeven kopen of dat je voortdurend op die manke machine loopt te foeteren. Levensduur verlengen gaat een pak verder dan de reflex van de consument om dingen te (laten) repareren. Zo belanden we aan de zijde van de maker. Repareerbaarheid start immers al in de ontwerpfase waar expliciet de keuze wordt gemaakt om kwalitatieve grondstoffen te gebruiken en om daarmee repareerbare producten te ontwerpen. Want een toestel kan zodanig zijn gemaakt dat het niet repareerbaar is omdat je het bijvoorbeeld niet kan demonteren. Kun jij je telefoon openen om de batterij of een ander onderdeel te vervangen? We stellen er ons geen vragen bij omdat we onze telefoon wellicht beu zijn nog voor hij stuk is: steeds vaker zijn telefoons gesloten, gelijmde doosjes. Het is alles of niets meer. Het Nederlandse merk Fairphone biedt daar een radicaal andere visie op: de telefoon die zij op markt brengen bestaat uit een demonteerbaar geheel waarbij je onderdelen (zelf!) kan vervangen. Extra voordeel bij deze modulariteit is dat je je toestel naar wens kunt uitrusten met een betere camera of meer geheugen.

Zelfs als je je product toch kan openen met een schroevendraaier, is dat geen garantie voor repareerbaarheid. We kennen allemaal de choquerende nieuwsberichten waarbij de geprogrammeerde veroudering bij elektrische toestellen aan de grote klok kwam te hangen. Dat is een extreem cynische en schadelijke houding naar onze moederplaneet toe; een strijd waar overheidsregulering een vette kluif aan heeft. Een subtieler voorbeeld is wanneer een producent geen reserveonderdelen vervaardigt. Dat dat anders moet, vindt het merk SEB, producent van kleine huishoudelijke apparaten. Ze geven het goede voorbeeld door zich te engageren om producten af te leveren die tot 10 jaar na aankoop repareerbaar zijn. En dat in heel Europa. Als consument kun je je minstens richten op dit soort aanpak: de dienst na verkoop maakt een wezenlijk onderdeel uit van de kost. Want is een lange levensduur niet een belang dat we als consument delen met onze planeet?

Tweede jeugd

Hoe we ons best ook doen om de herstelreflex in te bouwen, het koste wat kost verlengen van levensduur is niet altijd opportuun. Zo kan het zijn dat jouw toestel een energieveelvraat is en dat de milieuwinst daardoor verwaarloosbaar is of zelfs negatief. In dat geval is het beter om een energiezuinigere versie in huis te halen.

Photocredit: Martin Waalboer/Repair Café International.

Als je zelf klaar bent met je product, maar er zit nog wat puf in je product, dan is een tweede leven te overwegen en begeven we ons op de tweedehandsmarkt. Booming business in de afgelopen jaren. Corona even opzij gezet: rommelmarkten zijn dé mainstream plek waar ontelbare reeds vertelde verhalen een plotwending krijgen. Dat start al met de adrenaline van de vondst van dat bijzondere serviesje, dat oldschool houten tafeltje en de uitzet voor je puber die op kot gaat.

Het is precies dat gevoel dat De Kringwinkel tot businessmodel heeft verheven. Het bestofte randje is eraf, herverkoop is hip. En het businessmodel gaat verder: de Kringloop hersteldiensten geven de trots terug aan kreupele kasten en verloren gewaande wasmachines.

 

Tegelijkertijd leiden ze een diversiteit aan mensen op in de creatieve kennis die nodig is voor het geven van een nieuwe levensadem. Voor wie betekenis hecht aan zijn spullen en toch een goede reden heeft om ze weg te doen, is het op deze manier gunnen van een tweede jeugd een mooie manier van afscheid nemen.

Upcycling

Wanneer goederen gemaakt zijn met kwalitatieve onderdelen, goed onderhouden zijn en demonteerbaar zijn, brengt dat nog een voordeel met zich mee. Ze kunnen de basis vormen voor een nieuw product wanneer de tijd daarvoor rijp is. Wanneer onderdelen van een product of apparaat worden hergebruikt om een ander nieuw product te maken, noemen we dat afhankelijk van de verandering die nodig is refurbishment of remanufacturing. Je gebruikt met andere woorden weinig energie of nieuwe grondstoffen om een waardevol en nieuw resultaat te bereiken. In het geval van refurbishment kan een groot onderhoud of een nieuwe batterij volstaan zoals Green Mobile doet voor smartphones. Bij remanufacturing worden toestellen gedemonteerd en delen hergebruikt.

Pami – Workspace Designers is een bedrijf dat al tientallen jaren kantoorconcepten ontwerpt en -omgevingen realiseert. In die tijd is hun focus geëvolueerd van minimale kost naar minimale ‘life cycle cost’. Duurzaamheid, levensduur en het doel om afvalvrij te werken kwamen stevig op de agenda. En wat doe je dan als je ziet dat er steeds minder papier wordt gebruikt en de typische rolluikkasten er werkloos maar robuust als altijd bij staan? Het vraagt wat out-of-the-box denkwerk. Dat deed het bedrijf door deze overschot te koppelen aan de nood aan centrale lockers voor al die flexwerkers zonder vast bureau die er de laatste jaren zijn bijgekomen. De kasten mogen zelfs blijven staan: het bedrijf komt ter plaatse de metamorfose bewerkstelligen.

Voorbij de horizon

Ondertussen genieten hobbymakers thuis van het ontwerpen van allerlei upcycled gerief. Lekke fietsbanden worden onverslijtbare riemen, een oude fles zonder bodem wordt een hangvaas, een lastige wiebelstoel gaat aan de muur als kapstok, de oude badkuip schopt het tot kruidenbed in de tuin, afgedankte t-shirts worden een kleurrijk tapijtje. Ook professionele makers schuiven graag naar voor dat ze werken met materialen die slijtvast zijn, of beter, die mooi ouder worden samen met de gebruiker.

Interieurarchitecte Hanne Beutels stampte met veel verve haar eigen handtassenlabel uit de grond. Daarbij gebruikt ze gerecycleerd en plantaardig gelooid leder. Haar manier van vervaardigen verzekert je dat je een item voor het leven hebt. Ook de Belgische e-bike start-up Cowboy denkt verder dan de neus lang is. Binnen hun programma Cowboy Circular bieden ze fietsen aan die minimaal zijn gebruikt in bijvoorbeeld testritprogramma’s of showrooms en fietsen die zijn teruggestuurd door klanten. Tegen een fikse korting en volledig opgesmukt staan ze te wachten op een liefdevolle eigenaar.

Het is een bijzonder landschap waar grondstoffen en energie erg onder druk staan en waar tegelijk het spullenverlies duizelingwekkende proporties aanneemt, waar zelfs splinternieuwe producten als niet meer verkoopbaar worden gezien omdat ze al een retourtje met de post hebben gemaakt. Als creatieve maker kun je daarin gouden tijden beleven: enkel je eigen verbeelding bepaalt de grenzen van wat mogelijk is. Je kunt in de designfase al het tweede en derde leven van een product incalculeren, kiezen voor een modulair ontwerp, de spullenberg zien als grondstoffenmijn. Je kunt de gebruikers van je creaties inspireren om hun verhaal steeds weer te laten leven in de dingen die ze rond zich verzamelen.

Bronnen

“Een goed voorbeeld van kwalitatieve tweedehands in het B2C segment is de samenwerking tussen BSH Home Appliances en de Kringwinkels.”

Ben je zelf aan de slag als duurzaam ondernemer of wil je van start? Download dan het gratis Leap Model, een stappenplan om je organisatie duurzaam op de rails te krijgen.

Dit artikel kwam tot stand dankzij de ondersteuning van Vlaanderen Circulair.


Categories:   Omgeving
Liesbeth Baeten

Schrijfster, fotograaf, ondernemer, maatschappelijk werker, bruggenbouwer, keukenprinses, mijmeraar. Co-owner bij duurzaam communicatiebureau LEF.

Laat een reactie achter

Gelieve in te loggen of registreer om een reactie na te laten.